Een preventist doet er goed aan zijn baas te melden dat hij geen uitvoering kan geven aan de opdracht om de zaak “politiek op te lossen”, wanneer hij weet dat hij daardoor een levensgevaarlijke situatie laat voortbestaan. Dit is een conclusie die is te le
De huidige stand van het recht is volgens de zogeheten Pikmeerarresten van de Hoge Raad, dat de overheid en haar ambtenaren een beperkte strafrechtelijke immuniteit genieten voor delicten begaan in het kader van de uitvoering van zuivere overheidstaken. Dat zijn aan de overheid of de ambtenaar opgedragen bestuurstaken die niet door private partijen kunnen worden uitgevoerd.
Als de Eerste Kamer akkoord gaat met het wetsvoorstel van kamerleden Heerts, Van de Camp en Anker tot wijziging van het wetboek van Strafrecht is het straks gedaan met de strafrechtelijke immuniteit voor ambtenaren en overheidsorganen.
De schrijvers van het wetsvoorstel willen echter ook uitdrukking geven aan het belang van een overheid die haar publieke taken kan uitvoeren. Overheden voeren immers hun wettelijke taken uit in het algemeen belang en ze hebben niet de vrijheid om deze taken geheel naar eigen inzicht te verrichten of van de uitoefening af te zien. Daarom wordt een extra strafuitsluitingsgrond opgenomen om in de wetgeving vast te leggen dat feiten die redelijkerwijs noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bij wet opgedragen publieke taak niet strafbaar zijn.
Bron: Mw. mr. C.I. (Carolien) Grasdijk, Magazine voor nationale veiligheid en crisisbeheersing van mei 2008





Wat met name mist in het huidige wetsvoorstel is een onderscheid tussen algemeen en specifiek toezichtsfalen. Voor meer achtergronden zie http://www.burgemeesters.nl/strafrecht