Voor veel brandscenario’s is de inzet van fluorschuim niet nodig. Alleen bij hoge temperaturen, grote oppervlakken en grote opbrengafstand mag je fluor gebruiken. Als gebruik van fluorhoudend schuim onvermijdelijk is, dan legt dit bijzondere verantwoordelijkheden bij de gebruiker. Gebruik je in de organisatie blusschuim als basisinstrument? Check dan of dit schuim fluorvrij is of niet. Hoe doe je dat? Volg deze concrete stappen.
Bekend is dat diverse fluorhoudende stoffen moeilijk afbreekbaar zijn. Ze hopen zich op in het milieu en het is giftig voor mens en dier. Daarom is het nodig om naar alternatieven te kijken. Als er geen ander middel is dan mag je het gebruiken. De vervuiling ruim je dan achteraf op. Dat ben je verplicht.
Door Dick van Roosmalen
Welke concrete stappen zijn er?
1. Inventariseren
Bepaal waar fluorhoudende blusmiddelen worden gebruikt binnen je organisatie. Denk daarbij aan mobiele handblusmiddelen, interventievoertuigen en stationaire installaties. Vergeet ook niet te kijken naar vervangingsvoorraden en reserves voor grootschalige incidenten. Aan de hand van het label op de verpakking kan het “material safety data sheet” (MSDS) worden opgezocht.
Op het MSDS staan de componenten benoemd waaruit het middel is samengesteld. Vanaf juli 2020 mag perfluoroctaanzuur (PFOA) niet meer in de handel worden gebracht. Ook andere fluorhoudende stoffen zijn relatief eenvoudig te herkennen, omdat -fluor- zowel in het Nederlands als Engels gebruikt wordt.
Overigens, fluorvrije blusmiddelen zijn niet per definitie milieuvriendelijk. Bij twijfel is het belangrijk om met de leverancier te overleggen hoe het product na gebruik moet worden opgeruimd.
2. Heb ik fluor nodig?
Bepaal voor welke type brandscenario’s het blusschuim is bedacht. Onderzoek in hoeverre fluorhoudend blusmiddel noodzakelijk is. Relevante factoren zijn hoge temperaturen, grote oppervlakken en grote opbrengafstand. Met name voor grote olieopslagen is het gebruik van fluor te rechtvaardigen. Niet-fluorhoudende schuimsoorten kunnen voldoende effectief zijn bij kleinere vloeistofbranden. Ook bij incidenten met tankwagens kan de brandweer de brandhaard vaak dicht genoeg benaderen, zodat toepassen van fluorhoudend schuim niet altijd noodzakelijk is.
Voor oefening en training gebruiken we fluorvrij oefenschuim. Dat heeft niet de gewenste eigenschappen voor daadwerkelijke brandbestrijding. Het is wel een prima oefenmiddel, omdat het gebruik minder milieu- en gezondheidsbelasting tot gevolg heeft.
3. Beeld bij alternatieven
Voor verschillende brandscenario’s zijn fluorvrije alternatieven beschikbaar. Inventariseer bij de overstap of installaties mogelijk anders moeten worden afgesteld of gedimensioneerd, om het nieuwe blusmiddel correct toe te passen. Leveranciers verstrekken certificaten om de effectieve werking van blusmiddelen te onderbouwen.
Certificaten van blusmiddelen worden afgegeven op basis van testresultaten met één of meerdere voorbeeldstoffen. Ook de applicatiewijze en omvang van het brandscenario zijn specifiek voorgeschreven in de testmethodiek. Voor de gebruiker is het daarom belangrijk om vast te stellen of het blusmiddel dezelfde werking heeft bij de specifieke kenmerken van de brandscenario’s die bestreden moeten worden. Ook de vergunningverlener en verzekeraar zijn hierbij belanghebbende partijen.
4. Veilig werken en opruimen
Inventariseer in hoeverre veilig gewerkt kan worden met schuimvormende middelen. De organisatie moet voorbereid zijn wat betreft een weloverwogen werkwijze en gebruik van passende veiligheidsmiddelen. Het is noodzakelijk dit vast te leggen in protocollen. Toepassing van schuimvormende middelen heeft een plaats in de risico-inventarisatie & -evaluatie (RI&E).
Vooral op plaatsen waar geen goede voorzieningen zijn voor opvang, scheiding en afvoer van fluor uit verontreinigd bluswater, bestaat de kans dat de stof weglekt naar het milieu. Besef dat met een reguliere waterzuiveringsinstallatie de fluorhoudende componenten niet uit het water worden gehaald. Verwerking door gespecialiseerde bedrijven is noodzakelijk, maar kan kostbaar zijn. Bij hoge kosten voor het opruimen, wordt de verzekeraar automatisch belanghebbende partij. Het is belangrijk om bij de afweging van alternatieven rekening te houden met het kostenaspect van opruimen na een incident.
5. Inspecteren, testen en onderhouden
Bepaal het beleid voor de organisatie met betrekking tot inspecteren, testen en onderhouden (ITO) van de systemen met fluorhoudend schuim. Dit beleid moet de adequate werking van de installatie borgen. Vanuit de milieu- of omgevingsvergunning worden tevens eisen gesteld aan kwaliteitsborging van het schuim. Dit beleid vraagt vaak live tests of alternatieve methodes die live testen kunnen vervangen, maar wel dezelfde garanties geven.
In geval van fluorhoudende middelen is ITO-beleid extra belangrijk, omdat de veilige omgang met fluor adequaat moet zijn vormgegeven. Er mag geen onnodige blootstelling zijn aan het milieu of werknemers. Gebruikt product moet op een verantwoorde wijze worden afgevoerd.
6. Arbo-beleid hulpverleners
Voor verantwoord gebruik van elk blusmiddel zijn veilige werkomstandigheden voor hulpverleners onmisbaar. In het kader van de arbeidsveiligheid zal de brandweer een schuiminzet op dezelfde wijze moeten voorbereiden en uitvoeren als bij elk ander incident met gevaarlijke stoffen. Brandweerlieden die zijn blootgesteld aan gevaarlijke stoffen of rook met giftige verbrandingsproducten worden ter plaatse ontsmet en voorzien van schone kleding. Zo worden verspreiding van en blootstelling aan gevaarlijke stoffen voorkomen.
Bij het gebruik van fluorhoudend schuim ontstaat een besmette incidentlocatie. Deze moet zo snel mogelijk in de nafase van het incident worden schoongemaakt. Dit gebeurt door het afvoeren van water- en schuimrestanten en het afgraven van verontreinigde grond.
7. Afstemming
Er is een fluorvrij blusmiddel nodig waar mogelijk, dat aantoonbaar dezelfde eigenschappen en hetzelfde blussend effect heeft als het fluorhoudende middel. Certificering van de installaties en de blusmiddelen is benodigd, om verzekerd te zijn van de effectieve werking. Voer overleg met het bevoegd gezag over de vergunning en aanpassing in het schuimregime van de organisatie.
Lees ook
-Fluorhoudend schuim: de gebruiker ruimt op
-Inzet van fluorhoudend versus fluorvrij blusschuim
-Brandweer zoekt alternatieve blusmiddelen voor fluorhoudend schuim





