Nadenkend over onze bijdragen aan congressen in 2016 (Fire safety of facades en Interflam) dringt al snel een aantal andere gedachten zich op, waarvan ik de behoefte heb die met u te delen.
Kijkend naar de afgelopen 15 jaar zijn er in Nederland maar weinig (wetenschappelijke) onderzoeken op het gebied van brandveiligheid gedaan die de toets der kritiek kunnen doorstaan. Als we dus nadenken en praten over toekomstig onderzoek dan zal in ieder geval de ambitie met betrekking tot de inhoud omhoog moeten. Bij die ambitie zullen vervolgens passende budgetten moeten worden gevonden. Motto daarbij zou moeten zijn: kwaliteit boven kwantiteit.
Onderzoek organiseren
Als we gaan onderzoeken moeten we ons bewust zijn van wat er elders in de wereld gebeurt. Natuurlijk is de in het buitenland vergaarde kennis niet allemaal zonder meer van toepassing op de Nederlandse situatie, maar een groot deel is wel toe- of eenvoudig aanpasbaar. Naast publicaties is daarbij ook het onderhouden van relaties met het buitenlandse onderzoekveld van groot belang. Samenwerking met buitenlandse instituten kan er voor zorgen dat deze relaties tot stand komen en kan tot een efficiënte inzet van de beschikbare middelen leiden.
Maar het organiseren van het onderzoek alleen is niet voldoende. In de Nederlandse situatie helpt meer onderzoek niet per definitie bij het oplossen van problemen, hebben markt en overheid ervaren. Uit mijn dagelijkse praktijk blijkt dat dit wordt veroorzaakt door onvoldoende deskundigheid bij de toepassing van de uit de onderzoeken verworven kennis. Het lastigste is daarbij het gebrek aan kennis bij het bevoegd gezag. Dat leidt er toe dat soms goede oplossingen worden tegengehouden. Of nog erger: dat slechte oplossing worden geaccepteerd. Natuurlijk staat bij die slechte oplossingen tevens de kwaliteit van de adviseurs ter discussie! Ook daar zit veel kaf tussen het koren. Een deskundig bevoegd gezag zou daar het verschil kunnen maken. Overigens realiseer ik mij dat dit de adviesbranche niet ontslaat van de verantwoordelijkheid hun eigen kwaliteitsprobleem aan te pakken. Het doen van onderzoek en daarmee het vergaren en beschikbaar maken van kennis is daarom alleen maar zinvol als tegelijkertijd wordt geïnvesteerd in de overheden en marktpartijen die deze kennis toe moeten passen.
Eigen belang
De afgelopen jaren is er vaak gesteld dat Nederland te klein is voor serieuze onderzoeken en opleidingen op dit gebied. Maar die stelling is niet houdbaar als we ons realiseren dat Zweden met minder dan 10 miljoen inwoners wel over een universitaire opleiding (Lund) en over een gerenommeerd test- en onderzoeksinstituut (SP) beschikt. Het is dus kennelijk een kwestie van prioriteit. En in mijn optiek zou die prioriteit in ons dichtbevolkte en intensief gebruikte land eigenlijk hoger moeten liggen dan in Zweden. Als we dan toch weer naar Zweden kijken, valt er nog een verschil op. In Zweden worden adviseurs en hoge brandweerfunctionarissen opgeleid op één en dezelfde universiteit en wordt voor het doen van onderzoek ook voor repressieve taken het zelfde instituut gebruikt. Waarom hebben we in Nederland dan nog steeds een kennisinstituut voor de brandweer en verdeelt de markt tijd en geld over te veel initiatieven? Waarom gooien we het wij en zij denken niet rigoureus over boord en bundelen we al onze resources op één universitair onderzoeks- en opleidingsinstituut dat eendrachtig samen gaat werken met de universiteiten van Gent en Lund. Wie wil er met mij zijn eigen (kortetermijn-)belang ontstijgen?
Johan Koudijs is directeur DGMR (KY@dgmr.nl).





