We houden in Nederland graag zoveel mogelijk de touwtjes in de hand. Vandaar dat er natuurlijk ook regels en schema’s zijn opgesteld voor allerlei blusmiddelen. Voor het blussen van branden met verschillende oorzaken worden Europese brandklassen van A tot en met F gehanteerd, afhankelijk van het soort brand. De brandweer weet exact welk blusmiddel het meest geschikt is voor een bepaald type brand.
Door Marcel van Duijn
Naast de bekende sprinklersystemen, schuim-, CO2- of poederblussers en wat dies meer zij, komen producenten soms ineens met compleet nieuwe middelen op de markt. Want ook binnen deze branche houden producenten en toeleveranciers zich bezig met duurzame innovatie en verfijning. Om dan het overzicht te behouden, kan een lastige opgave zijn. Het klinkt zo eenvoudig, maar het tegendeel is waar.
Onderzoek
Nieuwe blusmiddelen hebben over het algemeen een lange weg te gaan voordat ze gebruikt mogen worden. Ze moeten immers worden getest, geïnspecteerd, gecontroleerd op hun werking en gekeurd om vervolgens te voldoen aan de vereiste (NEN-) normen. Volgens de Brandweeracademie van het Instituut voor Fysieke Veiligheid (IFV) is de werking van moderne nieuwe blusmiddelen niet altijd even duidelijk: “Net zo min als helder is bij welke incidentscenario’s en in welke mate deze middelen bijdragen aan brandbestrijding.” Kortom, het is toe te juichen dat het IFV onlangs is begonnen met een onderzoek om alle brandweerkorpsen hierin meer inzicht te geven. Het IFV-onderzoek bevindt zich nu in de beginfase, het literatuurdeel. Aan het einde van het jaar maakt het IFV de resultaten bekend.
Borging
Keuring en onderhoud van de blusmiddelen is overigens een essentieel onderdeel van brandpreventie. Kleine blusmiddelen, zoals brandblussers en brandslanghaspels, vallen onder de REOB, de Regeling Erkenning Onderhoud Blusmiddelen. Alle draagbare en verrijdbare blustoestellen moeten minimaal één keer in de twee jaar worden gekeurd. Zo kan het stilstaande water in brandslangen bij bepaalde temperaturen de legionellabacterie huisvesten. Om besmettingskansen te voorkomen, moeten de hoofdkranen van de brandslanghaspels zijn verzegeld. Naast de algemene keuring doen bedrijven er verstandig aan blusmiddelen regelmatig ook zelf na te lopen. Ook is het van belang te controleren of iedereen binnen een bedrijf, instelling of winkelcentrum weet waar brandblussers hangen en hoe ze werken. Andere prangende vragen: zijn de blusmiddelen recent gecontroleerd en gekeurd door een erkend bedrijf? Zit de borging nog op de blusmiddelen? Zijn de gebruiksinstructies goed te lezen?
Resultaten
De brandweerkorpsen kijken reikhalzend uit naar de resultaten van het IFV-onderzoek. Resultaten die zeker ook interessant zijn om te delen met alle professionals in de brandpreventie. Denk dan aan ontwerpers, bouwkundig ingenieurs, installateurs, inspectiebureaus, facilitymanagers en bhv’ers. Als iedereen van alles op de hoogte is, loopt er vast minder uit de hand.





