In onze veiligheidsketen kunnen op dit moment op twee denkrichtingen worden waargenomen die volledig tegengesteld lijken: waar we voor de brandpreventie en het brandveilig gebruik steeds meer gaan naar een integrale benadering kijken we bij de repressie slechts ééndimensionaal naar kwaliteit.
De opzet van bijvoorbeeld het model integrale veiligheid bouwwerken (IBB) door marktpartijen en de overheid kan rekenen op de warme belangstelling van betrokkenen, dit model stuurt aan op een brede benadering van brandveiligheid, het goed en zorgvuldig vastleggen van bouwkundige, installatietechnische en organisatorische voorzieningen voor brandveiligheid, en het onderhoud daarvan. De overheid lijkt een integrale benadering steeds meer te omarmen. Ook bij de ondernemers valt een zorgvuldige afweging van doelstellingen en middelen (kosten) goed.
Een tegengestelde beweging zien we bij de repressieve kant van de brandweerzorg, daar is al enige tijd de mantra populair die er kort gezegd op neer komt dat “sneller” per definitie leidt tot beter.
In theorie volkomen juist: brand ontwikkelt zich exponentieel, zodat “eerder” ter plaatse altijd neer komt op “minder brand” bij de start van de inzet. Het besluit veiligheidsregio’s lijkt deze eenzijdige benadering ook te volgen zodat de rampenbestrijding langs meetbare doelen “op orde” wordt gebracht. De beste brandweerzorg is in die redenering die met een opkomsttijd van 0 minuten.
Als je wat beter naar de repressie kijkt spelen vele andere factoren een rol. Het blijkt in de praktijk dat onder meer kennis, ervaring, motivatie, slagkracht, geoefendheid, materieel, opleiding, stress, fysieke gesteldheid, tijd van de dag, organisatie, onderling vertrouwen, doortastendheid, en geluk (c.q. domme pech) belangrijke factoren zijn die het succes of falen van de brandweerinzet bepalen. Daarbij mogen de burgers van de brandweer een inspanningsplicht verlangen, en niet een resultaatverplichting.
In MBO (Management by Objective) is het meten en registreren van tijd relatief eenvoudig, vooral met moderne middelen als statusmeldingen en locatiebepaling. De leiding van de brandweer kan straks met strakke spreadsheets de kwaliteit van de brandweerzorg “aantonen”, daardoor neemt de brandweer sluipenderwijs een in de praktijk onhaalbare resultaatverplichting op zich.
Het meten van kwaliteit met de klok is in het bedrijfsleven al lang achterhaald, het stukloon lijkt alleen in de postbezorging een korte opleving te maken. Kwaliteit wordt in de meeste takken van dienstverlening al lange tijd, zo deze al objectief meetbaar is, vooral integraal beoordeeld.
Merkwaardig is dat het zwaartepunt “tijd” niet objectief en in samenhang met andere factoren lijkt te kunnen worden afgewogen. Er is geen waardering voor andere, minder meetbare, factoren die de kwaliteit van de repressie bepalen. Daarnaast is het kennelijk managementcultuur geworden om de klok te gebruiken als stoplap voor allerlei andere zaken (waaronder kazernespreiding en personeelsbeleid), en de ogen te sluiten voor alle meer of minder zware vormen van bedrog die betrokkenen uithalen om de strak geformuleerde doelen te halen.
Wonderlijk dat niemand deze focus op de klok lijkt te kunnen doorbreken, en dat we kennelijk niet in staat zijn een open discussie te voeren over de samenhang van factoren die een succesvol brandweeroptreden mogelijk maken.
Marcel Lasker
Naschrift: Overigens is dit geen nieuw probleem, voor geïnteresseerde lezers: zoek op Peter Drucker en MBO (1954), en lees ook de bezwaren die de beroemde econoom W. Edwards Deming al in de 70-er jaren van de vorige eeuw had.




